|
In het Deense Hashøj wordt mest samen met afval vergist. Het vrijkomende
biogas wordt gebruikt als brandstof voor een warmtekrachtcentrale.

Projectbeschrijving
In de nabijheid van het Deense plaatsje Hashøj wordt mest van veertien
varkenshouderijen en drie rundveebedrijven ingezameld. De mest wordt vermengd
met maximaal 25% organisch afval, waaronder slachtafval en alcoholen. De gemengde
mest wordt in drie achtereenvolgende warmtewisselaars opgewarmd tot 70 ºC.
Op deze temperatuur wordt de mest minimaal een uur bewaard in een pasteurisatietank,
waardoor de mest, zonder gevaar voor ziekteverspreiding, naderhand kan worden
getransporteerd en uitgereden over het land. Na de pasteurisatie wordt de mest
weer afgekoeld tot 36 ºC door verse mest, die de pasteurisatietank ingaat.
De mest gaat vervolgens naar een vergistingstank met een inhoud van 3000 m3,
waar mesofiele anaërobe bacteriën de organische stof in de mest en in
de bijgevoegde stoffen, bijvoorbeeld slachtafval, afbreken. Hierdoor ontstaat
biogas. Dit gas is een mengsel van methaan en kooldioxide. Methaan is ook het
hoofdbestanddeel van aardgas. Biogas is daardoor dan ook prima bruikbaar als brandstof.
Het ‘groene’ gas wordt in Hashøj vanuit een gashouder met een
inhoud van 2200 m3 via een leiding van 1,8 km
lengte naar de warmtekrachtcentrale van deze plaats gevoerd. In de warmtekrachtcentrale
staan twee gasmotoren. De kleinste gasmotor, die een generator van 750 kW vermogen
aandrijft, draait continue op het biogas. De grootste motor, met een vermogen
van 2,5 MW, is onlangs voorzien van een speciaal regelsysteem om met een variabel
mengsel van aardgas en biogas te kunnen draaien. Een kenveldregeling past de instelling
van de gasmotor aan op het percentage biogas. Daarnaast kan de ontsteking per
cilinder nog automatisch individueel worden aangepast op de kwaliteit van het
mengsel. Door deze mengregeling kan men nu alle vrijkomende biogas volledig benutten
en hoeft er geen gas afgefakkeld te worden.
De warmte van de gasmotoren wordt gebruikt voor het regionale warmtenet. Met behulp
van een enorme warmtebuffer kan men een overschot aan warmte tijdelijk opslaan.
|
|
De vergiste mest wordt opgeslagen in een voorraadtank met een inhoud van 1200
m3. De gashouder is bovenop de voorraadtank gebouwd.
Het biogas, dat nog vrijkomt uit de voorraadtank wordt in de gashouder opgevangen.
De mest wordt na verloop van tijd weer teruggebracht naar de veehouders en een
deel wordt ook geleverd aan vier akkerbouwbedrijven.

Milieuvoordelen
De vergisting van mest levert duurzame energie op in de vorm van biogas. Als de
mest onvergist wordt uitgereden, dan treedt het omzettingsproces van organische
stof op het land plaats, waarbij CO2 vrijkomt
zonder energiebenutting. De covergisting van organisch afval levert een zeer aanzienlijke
verhoging van de biogasproductie op. De benutting van het biogas in een warmtekrachtcentrale
zorgt voor een optimale benutting van dit groene gas. Daardoor levert dit project
een belangrijke vermindering van de uitstoot van het broeikasgas CO2
op.
Door het vergistingsproces en de pasteurisatie wordt tevens de kwaliteit van de
mest verbeterd en de geuremissie bij het uitrijden verminderd.

|