|
Een multidisciplinair team, van de Universiteit Twente heeft een onderzoek
gedaan naar de mogelijkheden voor opwekking van elektriciteit uit aardgasdruk
in de regio Twente. Aanleiding voor het onderzoek was het project WiT
(Warmtenet in Twente), dat beoogt om drie grote warmtebronnen in Twente
te koppelen aan een regionaal warmtenet. Deze drie warmtebronnen zijn
de warmtekrachtcentrale van Essent Energie in Enschede, de zoutfabriek
van AKZO Nobel in Hengelo met de warmtekrachtcentrale Salinco en de afvalverbrandingsinstallatie
van Twence. Bij de universiteit Twente heeft men onderzocht in hoeverre
er mogelijkheden zijn om beschikbare restwarmte uit deze bronnen te gebruiken
om het aardgas op te warmen alvorens de druk gereduceerd wordt. Er is
een inventarisatie gemaakt van de gasreduceerstations in de regio. De
gasinkoopstations voor de regionale distributienetten bieden weliswaar
goede mogelijkheden voor productie van schone stroom, maar de benutting
van de restwarmte van de genoemde warmtebronnen is alleen aantrekkelijk
als er ook voldoende andere afnemers van warmte zijn om de kosten van
de aanleg van een warmteleiding te rechtvaardigen. De enige al aanwezige
gasexpander in Twente (project De Pook in Almelo) maakt gebruik van ter
plekke geproduceerde warmte met een wkk.
Wel aantrekkelijk is de toepassing van een gasexpansiemachine voor de
gasstroom naar de fabriek van AKZO Nobel met de warmtekrachtcentrale Salinco.
Hier is meer dan voldoende warmte beschikbaar om met gasexpansie stroom
op te wekken zonder extra emissies. Ook de warmtekrachtcentrale Marssteden
in Enschede is interessant. Hier kan het retourwater uit het warmtedistributienet
worden gebruikt voor de opwarming van het aardgas. Een dergelijke toepassing
van gasexpansie vermindert niet alleen de emissie van CO2,
maar ook van NOx.
De resultaten van het het onderzoek werden in juni 2002 gepresenteerd.
|